26-03-07

Zon, zee en strand... of savooien, zeesterren en gebroken golven

 

Het was letterlijk Sneeuwwitje en de Zeven Dwergen dit weekend, want we woonden met z'n achten in het appartementje om de hoek van de zeedijk. Ironisch genoeg ben ik het dan wel die de kleinste van de hoop is, dus die dwergen, dat wordt een grapje. Maar Zeven Reuzen klinkt minder goed, en dus laat ik het maar gewoon zo.

We waren dus aan zee dit weekend. Zaterdag om uit te waaien, en zondag om te zonnen. Het was dus eigenlijk beter waaierdag en zondag geweest, maar ik ben helaas geen Romeinse keizer en mag dus ook niet zomaar de kalender naar mijn hand zetten. Zaterdag dus, kwamen we aan, maakten onze bedjes op en besloten we meteen een stapje op het strand te zetten. De bedoeling was een lekker verre wandeling te maken. Dat kwam er niet van, omdat het strand bezaaid was met vreemde voorwerpen die onze aandacht opeisten. En onze schoptechnieken.

Het begon allemaal met de grote knikker die in het zand lag, en waar Kaat Piraat tegen schopte. Meteen ontspon zich een voetbalwedstrijd, maar dan met de knikker. We vonden nog een tweede, klein knikkertje, maar dat besloot onze Piraat in haar zak te stoppen, wegens te veel kans op verliezen. Hadden we uiteindelijk beter met de grote knikker gedaan ook, want toen Leentje-van-opt-hoekje er een ferme schop tegen gaf, was hij in geen duinen of dijken meer te bekennen. We hebben overal gezocht, met het fototoestel de juiste plaats van de schop gelokaliseerd en vervolgens de schophoek proberen te berekenen, maar tevergeefs. De knikker was nergens meer te vinden. Onze wandeling werd dus voortgezet, maar er bleven vreemde voorwerpen opduiken. Een sinaasappel. Een mandarijntje. Een savooikool. Ik begon me even af te vragen of iemand het plan had opgevat een reuzensoep van de zee te maken. Maar na de savooi waren de groentjes op, en kwamen we enkel nog honden en kleuters tegen. Daar mag je dus niet mee voetballen, en daarom besloten we een ander spelletje uit te vinden. Paalstaan en paalspringen, voor de foto uiteraard. Je zou anders eens kunnen gaan denken dat wij vaker zo'n acrotoeren uithalen. En toen was het dus tijd om terug te keren, om op tijd thuis te zijn voor het eten. Een lekker verre wandeling was het dus niet geworden, maar uitgewaaid en hongerig waren we wel.

Na het eten, de mama van Leentje-van-opt-hoekje maakt overigens de lekkerste broccoliquiche van de wereld, ook al zit er geen ananas in (binnenkantgrapje), en de afwas, besloten we met z'n allen Trivial Persuit te spelen. In groepjes van twee, want dat spel heeft dus maar zes taarten om mee te spelen, en we waren met z'n achten. 007 en ik zijn gigantisch ingemaakt, er waren er al bijna twee uit toen wij nog geen enkel taartpuntje hadden kunnen bemachtigen. Om onze eer te redden hadden we wél als eersten van allemaal een oranje sport-en-spel-taartje, en toen iedereen uit was hebben we in een inhaalbeweging in één keer al onze ontbrekende stukjes gehaald en zonder veel heen-en-weer-lopen het middenvlak behaald. Om zichzelf dan beter te doen voelen en de winnaars wat slechter, deelde 007 zijn beroemde driehoekvraagstukken uit. Geweldig tijdverdrijf in een gezelschap van wiskundeleerkrachten en studentjes-met-acht-uur-wiskunde. De enige cijferanalfabeet was Sneeuwwitje, maar 007 en ik amuseerden ons dan nog een poosje met het oplossen van alle geschiedenisvragen uit de Trivialdoos. En toen gingen we slapen, later dan eigenlijk goed was geweest. Omdat bij een paar Zeewitjes een ernstig slaaptekort circuleerde. En omdat de klok die nacht op zomeruur moest worden gedraaid.

Het was dus plots al half elf in plaats van half tien, toen we onze bedjes uitrolden. Ontbijt, afwas, en toen weer het strand op. We kregen gezelschap van de zus van Leentje-van-opt-hoekje en haar vriendin. De zon was erbij, de zee zag er fantastisch uit, en dus besloten we om na het middageten in de duinen te komen liggen zonnen. Maar het voor-de-middag-plan was eerst nog de golfbreker afwandelen, tot het einde. Leentje-van-opt-hoekje en ik waren op zoek naar krabjes tussen de stenen. Die konden we nergens vinden, maar we vonden wel een paar andere interessante zeebewoners. Een hele mooie oesterschelp, waarvan ik dacht dat ze nog dicht was, en waar Kaat Piraat al van hoopte er een parel in te vinden. Toen ik ze losgewrikt kreeg met het mes van 007 bleek het toch maar een halve schelp te zijn. Ze was in elk geval wél mooi, en de perfecte maat om er een bootje voor het slakje dat ons Piraatje gevonden had van te maken. We vonden meteen nog een heleboel vriendjes voor de slak, en gingen toen verder op speurtocht over de golfbreker. Bijna meteen vond ik een zeester. Een levende zeester, maar omdat het de eerste keer was dat ik er zo eentje niet in een aquarium tegenkwam, werd 007 erbij geroepen. Ik wilde liever wel zeker weten of zoiets giftig is, en eventueel kan bijten. Dat deed het niet, en dus hebben we met z'n allen de zeester op ons hand gehad. En haar een beetje gemodelleerd om er vervolgens foto's van te maken. En toen weer in het water gelegd. Niet lang daarna kwamen we weer een zeester tegen, een veel grotere nu. Ook nog steeds alive and kicking, opnieuw het gedroomde onderwerp voor een fotoreportage. En toen bereikten we eindelijk het einde van de golfbreker, bleven we daar even rondkijken, en moesten we weer rechtsomkeer maken. Het geknor van onze maagjes achterna. Terwijl we de golfbreker afliepen hoorde ik dit dialoogje:

Zus-van-Leentje: Waarom heet dat een golfbreker?
Leentje-van-opt-hoekje: Omdat die de golven breekt.
Zus-van-Leentje: En in hoeveel stukjes dan?

Ja, als je het zo ziet, is dat inderdaad de logica zelve. We bereikten terug het begin van de golfbreker, klommen over de duinen en duidden er alvast eentje aan waarin we wilden zonnen na de middag, en schoven toen op de zesde verdieping aan de middagmaaltafel aan.

In de namiddag pakten we alvast al onze spullen bij elkaar en brachten die naar Coens auto, daarna konden we met ons vieren nog een paar uurtjes in het zonnetje liggen in onze uitverkoren duin. Toen we bruin genoeg waren, nee, grapje, toen het daar te koud voor werd na een poosje, besloten we Kaat Piraat naar haar Brugse onderduikadres te brengen, en ineens nog iets te gaan eten ook. Dat deden we in het restaurantje waar we bij ons vorig Bruggebezoek al geweest waren, en het viel opnieuw erg in de smaak. Vooral omdat ze keihard hun best hadden gedaan om ons heel snel eten te geven zodat we op tijd naar huis konden vertrekken. De ober was in elk geval heel tevreden met zijn fooi, en bovendien was hij nog schattig ook. En zenuwachtig in de buurt van Coen, iets wat tegenwoordig wel vaker schijnt voor te vallen. Maar misschien is dat wel iets voor een volgend Avontuur van Sneeuwwitje: het in kaart brengen van homo's in de horeca...

Ons schip bracht ons in elk geval met een klein half uurtje vertraging weer in onze eigen thuishavens, waar we weer elk onze eigen bezigheden konden beginnen. De mijne hielden voornamelijk Flikken kijken en gaan slapen in. Dat circulerend slaaptekort moet immers nog steeds een beetje bevochten worden...

13:28 Gepost door Sneeuwwitje | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.